Snoeken rond Rydaholm

Vrijdagavond om 22.30 uur zijn Ed en ik begonnen met de rit naar Zweden, richting Rydaholm, met in onze kielzog de Marcraft van Ed op de trailer. De nieuwe Golf+, die Ed heeft aangeschaft kreeg met deze reis gelijk zijn vuurdoop. De rit zal ongeveer 14 uur duren en daar zit ook de tijd bij opgeteld van de twee veerboten vanuit Puttgarden en Helsingør.

verkeersbord

Vorige keer in 2009 kostte een retour van de twee veerboten 298.- euro en dat lijkt erg veel, maar dat is het ook, maar dit jaar bleek de prijs zelfs omhoog te zijn gegaan naar 332.- euro.
Dat is niet gepiest, maar toch zeiknat.

De trailer met boot maakt het helaas duurder, maar we gaan liever met eigen boot die van alle gemakken is voorzien, dan een gehuurde boot die minder is uitgerust en je kunt meer hengelspullen meenemen, dan alleen in je kofferbak.


De rit in de nacht gaat voorspoedig en de uren vliegen voorbij, want met geanimeerde gesprekken en een muziekje op de achtergrond lijkt het wel of de wijzers van onze horloges extra vooruit worden geduwd.

Het heeft weinig gescheeld of de vakantie was door de strenge winter in Zweden niet doorgegaan.
Er lag 40 tot 60 cm ijs op de meren en dat moet eerst ontdooien na de winter en dan heb je zon nodig en geen nachtvorsten meer ’s nachts.

Regelmatig hadden we met Anton van Duinen contact per e-mail en hij wist ons te vertellen, dat het ijs rond medio april was verdwenen. Poeh!, dat was kantje boord, want slechts twee weken later zouden wij komen om te snoeken en de winter had niet langer moeten duren.

Verzetten was ook geen optie, want acht vakanties op een rij, allemaal door mij al gepland, liet geen ruimte toe om op een ander tijdstip te snoeken. We nemen weer volpension.

Voor die 12 euro per persoon per dag, waar je een ontbijt, lunch en avondeten voor krijgt, is drie keer niks en daar ga je niet alle moeite zelf voor doen. Daar kwam het bord in zicht en nu waren we slechts een paar minuten van de Stuga van de Familie van Duinen verwijderd. Oorspronkelijk is men welkom vanaf 15.00 uur, maar een reis van ca. 14 uur kan je niet exact plannen, dat je ook werkelijk die tijd aanwezig bent. Dat hangt van veel andere factoren af.


We keken op onze horloges en de tijd wees 12.30 uur aan. Te vroeg, maar we waren heel overgekomen en moe van de reis en het zou geen latertje worden vanavond. Snoekvissen zat er vandaag niet meer, want de boel moest eerst uitgepakt worden en een plek krijgen.

Anton en Erna van Duinen

Zondag hadden we net zo goed in de stuga kunnen blijven. Geen schub gezien, zelfs geen aanbeet gehad op onze verleidelijke jerkbaits en pluggen. We zochten de plekken op waar we vorig jaar snoek hadden gelokaliseerd, maar die liet zich nu massaal afweten.

Dit zijn toch prachtige plekken om snoek aan de plug te krijgen? En wat een prachtige dag

Deze prachtige dag moesten we afsluiten met geen enkele aanbeet. Het oppervlaktewater was slechts 7 á 7 ½ graden en dat is erg koud voor deze tijd van het jaar. De natuur is hier zeker een maand achter gebleven vergeleken met de natuur in Nederland. Bomen hadden nog geen echte ontluikende knoppen en we zagen totaal geen tekenen van onderwaterleven.

We zochten de dag er na de rietkragen van de meren op. Alle rietkragen werden uitgekamd met een netenkam, zo secuur werd elke plek waar zich snoek zou bevinden, doorgehaald op elke centimeter. Dan duurt een dag erg lang, kan ik je verzekeren, want je sukkelt maar door en je verwacht eigenlijk geen aanbeet meer. Daar begon de slip van de molen van Ed te krijsen. Weer vast!, hoorde ik hem zeggen, maar zijn hengel bewoog op een andere manier.

Ed met zijn snoek van 92cm.

Na een heftige strijd werd de snoek van 92 cm geland en een zucht van verlichting ontsnapten uit onze kelen. Ze zitten er toch. Je krijgt na zo’n aanbeet gelijk weer een extra impuls om verder door te stompen, maar na weer een paar uur trollen en werpen, was het tijd om terug te gaan naar de trailerhelling.

Dinsdag bleek de watertemperatuur licht te stijgen door de zon, die regelmatig zijn warmte begon af te geven. Sommige plekken waren al ruim 8 graden. Je zag de knoppen aan de bomen zwellen en vertwijfeld de omgeving in kijken.

Een omgevallen boom lag in het verlengde van de rivier.

Hier en daar kregen we zowaar de gelige kleuren van de toverhazelaar te zien en het leek er op, dat de bomen het wat groener aandeden. Een koppel reeën keek verrast naar ons, toen wij langs voeren met de boot, met onze V-trekkende jerkbaits achter ons in het water en ze maakten zich snel uit de voeten.

Vandaag zouden we “slechts” drie snoeken vangen.

Bij Ed stond vandaag de hengel 2 x krom.

En bij mij 1x.

De dagen daarop werd de watertemperatuur steeds iets hoger en ging de 10 graden al schuchter voorbij. We zagen de snoeken paaien en de wijfjes werden ruw tegen de rietkragen aan geduwd. Ze zullen binnenkort wel loskomen, zeiden we tegen elkaar, dan loopt de paai op zijn eind . En dat klopte.

Woensdag hadden we er 4, donderdag 6 en vrijdag hadden we 8. Ze waren gretig en hadden nog slappe buiken van het lossen van hom en kuit. Nog geen aantallen om over naar huis te schrijven in drievoud, maar we zaten ons tenminste niet voor niets de krampen te gooien.

Dit was vorig jaar een uitstekende stek, maar nog niet in deze tijd van het jaar.

Eigenlijk zijn we een tweetal weken te vroeg gekomen, want de winter heeft hier te lang aangehouden om mooie vangsten na het paaien te realiseren.

Op plekken waar voorheen de snoeken gestapeld lagen, mochten we een verdwaalde snoek uit zijn habitat ontfutselen.

We vingen de jonge snoeken die nog niet paaiden, want de grote snoeken waren nog niet te vinden.

Het blijft een prachtig gezicht, als de snoek voor zijn nakomelingen zorgt en bezig is. Totaal ontwetend van zijn omgeving, waar verwoedde snoekvissers hem aan de dreg proberen te krijgen, kleunt hij maar door en heeft alleen aandacht voor zijn partner.

Je kunt er niet omheen, want sommige paaiende snoeken maken een kabaal van jewelste.

Natuurlijk zaten er uitschieters bij, maar we pakten meer kleine formaten.

Toch hebben we indruk, dat de grootste snoeken zich nog niet hebben laten zien.

Dat er natuurlijk ruime metersnoeken aanwezig zijn, willen we niet ontkennen, maar vanzelfsprekend zijn er meer kleine dan grote kneiters in de zee en meren De kans om metersnoeken te vangen is gering voor de gemiddelde snoekvisser, tenzij je wel heel vaak op het water kunt vertoeven.

Die 80ers zijn ook fraai om te vangen hoor.

We hebben ze wel gezien. Grote kolken naast een grote berg flap, waar de snoek zich onder verborg en als hinderlaag betiteld had. In slechts 60 cm water probeerden we onze drijvende pluggen rond de flap te deponeren, maar de snoek liet zich niet verleiden tot een aanbeet.

Mijn vingers raakten beschadigd door de scherpe tanden van de snoek.

We hebben verschillende meren bevist en we blijven het Furen, het Flårenmeer en de rivier de Årån de mooiste meren en rivier vinden. Er zitten prachtige stukken bij om je jerkbait te hanteren. Ed werd overmoedig en begon met zijn reel een jerkbait te gooien. Die overmoedigheid werd snel afgestraft na een tweetal worpen, want de hele boel zat in een hopeloze knoop. Na een tien minuten wist hij weliswaar de knoop te ontwarren, maar na een volgende worp, zat de zaak weer in een knoop.

In de luwte op mooie zonnige of winderige dagen kan je op elk meer uit de voeten, maar de schoonheid van een meer daar hebben wij ook oog voor.

We ontdekten twee nesten van visarenden in de hoge bomen aan de rand van de meren, we zagen de jachtgebieden van twee wouwen en menige ree zag onze Nederlandse koppen voor zich opdoemen. Zelfs een gewone meeuw, vonden we op een rots al prachtige en we hebben wederom zitten genieten van de prachtige natuur om ons heen.

We realiseerden ons ook, dat de inwoners van Zweden een enorme rijkdom aan natuur in hun achtertuin hebben, en ze daar niet altijd netjes mee omgaan. Zeker niet als je een grote afgedankte koelkast, olievaten, een stapel versleten autobanden en veel zwerfvuil langs de waterkanten vindt. Zullen de inwoners dat achterlaten of bezoekers van andere landen?

Wat een prachtig stukje huisvlijt is dit jaren geleden geweest.

De laatste dag was in het teken van de regengoden. De regen viel ’s middags in bakken neer en in de boot stond gewoon een laag water. Alles was nat, maar dan ook alles ook. Heb ik regenkleding meegenomen, verzuimde ik deze dag de regenbroek aan te doen. Tot in mijn naad was ik nat, maar we vingen snoek, dus we bleven maar doorgaan.

Mijn Canon fotocamera kan tegen de regen, zelfs tot 10 meter onder water, maar in mijn (warme) handen besloeg telkens de lens als ik een foto van een vangst wilde maken. Daarom zijn sommige foto’s wat waziger op sommige delen. Daar moet ik nog wat op verzinnen.

Tegen de avond, als de zon wat lager aan de hemel stond werden de contouren van het land steeds mooier en mysterieuzer.

Zelfs een solitaire boom die de zware winters in Zweden overleefd is een kunstwerkje van de natuur en verdiend even de aandacht.

De contrastrijke omgeving is soms een zalfje voor je ogen en dat beneemt gewoon je adem.

Sommige mensen van de 1500 inwoners van Rydaholm zijn creatief bezig. Bij een boerderij ontdekten wij een stapel houtblokken die op een bepaalde manier waren opgestapeld.

Zaterdagochtend mochten wij het ontbijt bij Anton en Erna in huis nuttigen. Eerst keken we nog even naar de verbouwing in de schuur, waar 5 mensen zich straks op kunnen houden. Om 08.00 uur waren wij van de partij en na het ontbijt en na het maken van een paar sandwiches stapten wij onze auto in naar huis te rijden. We konden bij de beide veerboten gelijk aan boord en we waren beiden ca. 21.30 uur thuis.

Resumé: We hebben “slechts” 23 snoeken gevangen in vijf dagen. Twee negentig plussers (92 en 96 cm), vier tachtig plussers (80, 80, 82 en 84 cm), een dikke zeventiger (79 cm) en de rest er onder. We hebben diepe en ondiepe stukken uitgekamd, langs rietkragen gegooid en getrold, tussen oude en ontluikende waterplanten onze jerkbaits en pluggen aangeboden, maar ook tussen de vervaarlijke rotsen boven en net onder water de snoek geprobeerd te verleiden.

Zaten we weer in de verkeerde tijd door de te lange winter? Als Wilfried over twee weken wel komt om te snoeken, dan valt hij waarschijnlijk met zijn neus in de boter, aangezien het water dan voldoende is opgewarmd, de snoeken hongerig geworden door de paai, die dan afgelopen is.

Schrijf een opmerking

naam
opmerking



Opmerkingen

evert van den brink op 15 07 2010

we komen eraan ahhaah zet de boot en het bier maaar vast klaar........ groeties.evert

mina uit nunspeet op 02 08 2010

we wensen melanie beterschap met het gebroken been....veel sterkte ermee